Dit artikel verscheen eerder in Vogue Nederland, juli/aug 2018.

Er is een explosie aan kleine ecomerkjes, maar er wordt ook veel aan groenwasserij gedaan. Wat moet je weten om geen green beauty victim te worden? Beautydirector Karen van Ede sprak met een aantal Green Queens en andere experts uit het vak.

Voor zover ik weet is er nog nooit iemand doodgegaan aan cosmetica, al hebben mensen natuurlijk allergieën en overgevoeligheidsreacties. Om last te krijgen van hormoonverstorende stoffen of chemicaliën moet je er héél veel binnenkrijgen, en pas als er nanotechnologie op een product staat – verplicht als het gebruikt wordt – moet je je echt zorgen maken over stofjes die in je bloedbaan terecht kunnen komen. Maar verder is cosmetica in Europa heel gereguleerd, en moet het aan allerlei veiligheidsvoorschriften voldoen. Toch is er een hoop bangmakerij en kiezen steeds meer mensen voor ‘cleane’ producten. Maar bewijst een claim op de verpakking dat iets echt natuurlijk is? En is het dan ook beter voor je huid?

Bang maken is óók marketing

Natuurcosmetica betekent officieel: producten gemaakt zonder siliconen of synthetische stoffen, waarin chemische ingrediënten zijn vervangen door 100% natuurlijke. De basismaterialen komen uit de biologische landbouw, de producten worden niet getest op dieren, de verpakking is opnieuw te gebruiken en er zitten geen kunstmatige kleurstoffen in. Al ver voor de groene golf waren er natuurcosmeticamerken die vonden dat het grootste menselijk orgaan – de huid – verzorgd en beschermd zou moeten worden met alleen maar natuurzuivere ingrediënten. Vanuit Duitsland bijvoorbeeld kennen we Weleda en Dr. Hauschka, beide geïnspireerd door de antroposofische ideeën van Rudolf Steiner. Dat natuurlijk wellicht beter is voor de huid werd bekender met de komst van de NO-claim’-producten, zoals die van REN. NO parabenen, NO kleur- en geurstoffen, NO minerale oliën en NO andere petrochemische ingrediënten.

‘Er zijn genoeg plantaardige ingrediënten waar je huid geïrriteerd op kan reageren'

Deze clean beautystroming schudde ons wakker en tegelijkertijd kregen we via internet toegang tot allerlei kennis. Bepaalde parabenen werden verboden, sommige parfumstoffen kwamen op een zwarte lijst. Edouard Mauvais-Jarvis, wetenschappelijk directeur van Dior, windt zich op over alle fake info als ik hem spreek tijdens een lancering in Frankrijk. ‘Er zijn erg veel mensen die dénken iets te weten,’ zegt hij, ‘en ze verkondigen hun boodschap met veel overtuiging. Maar er is erg veel misinformatie. Cosmetica is supergereguleerd, ons Dior-lab heeft lange lijsten van stoffen die niet gebruikt mogen worden en wij controleren alles tot in de puntjes. Het product dat straks in de winkel ligt is voor 90% natuurlijk. Soms is een fractie van een synthetisch ingrediënt nodig om de werking van een natuurlijk ingrediënt op te peppen. Om chemie echt te begrijpen, moet je van goeden huize komen.’

Bangmakerij is óók een vorm van marketing, meent hij. Zo staat op de site van de Deense cosmeticawebshop pureshopskincare.com een foto van een vrouw die duidelijk helse hoofdpijnen heeft, of erger, met daarboven de kreet ‘check op schadelijke ingrediënten’. En vervolgens wordt gesproken over kankerverwekkende stoffen. Veel mensen zijn hier ontvankelijk voor, net als op het gebied van gezondheid (de Volkskrant kopte na een bezoek aan de Gezondheidsbeurs: ‘Tevreden Nederlanders tobben graag’).

Niet per se beter

Dat een ecologisch product per definitie beter is voor de huid, is een fabeltje. Arts en cosmeticamaker Jetske Ultee, founder van Uncover Skincare – niet biologisch – zegt: ‘Dat plantaardige stoffen niet hormoonverstorend zouden kunnen zijn is ook een fabel. Er is zelfs een naam voor plantaardige ingrediënten met een hormonale werking: fyto-oestrogenen. Zo zie ik in het assortiment van bovengenoemde webshop veel producten met lavendel, een voorbeeld van een plantaardig ingrediënt met een oestrogene werking, net als soja en tea tree-olie. Mij valt op dat er aan veel producten in deze webshop irriterende stoffen bevatten en zelfs fototoxische stoffen toegevoegd zijn (aan de zonnebrandproducten). En om het product houdbaarder te maken is er vaak een hoge concentratie alcohol toegevoegd en dat is helemaal niet goed voor je huid (plantaardige alcohol of niet, het is chemisch gezien gewoon hetzelfde).

Zien: Ayesha Djwala deelt haar beautyhacks voor natuurlijke wedding make-up.


Er zijn absoluut slechte synthetische ingrediënten, maar er zijn ook genoeg plantaardige ingrediënten die een toxische werking hebben of waar je huid allergisch of geïrriteerd op kan reageren. Denk maar aan de brandnetels en het vingerhoedskruid in de tuin. En ten slotte, de term ‘natuurlijk’ die fabrikanten graag op hun product zetten, is niet beschermd. Al telt een verzorgingsproduct één natuurlijk bestanddeel, dan mag het toch als zodanig verkocht worden. Zo zie je weleens ‘natuurlijke producten zonder parabenen’ waar vervolgens heel ouderwetse bewaarstoffen aan toegevoegd zijn met een slecht veiligheidsprofiel of een hoge kans op huidallergie of irritatie, maar die niemand kent en waar dus ook niemand over valt! Naar mijn mening is het gebruik van natuurlijke ingrediënten in cosmetica niet per se goed of fout. Je zou je keuze moeten baseren op het feit of de ingrediënten werkzaam en veilig zijn, en hierbij maakt het niet uit of het over natuurlijke of synthetisch stoffen gaat. Soms zijn synthetische varianten werkzamer en veiliger dan bestanddelen direct uit de natuur, soms kies je liever voor de ‘plantaardige’ versie. Je moet je trouwens wel realiseren dat veel plantaardige ingrediënten zo bewerkt zijn voordat ze toegepast kunnen worden in producten, dat er weinig natuurlijks meer over is.’

Mensen zijn geen auto’s

‘People are not cars!’, zegt Tata Harper als ik haar aan de lijn heb. Zij maakt vanuit Vermont 100% natuurlijke cosmetica – dus niet per se 100% biologisch – en zonder ‘gifstoffen’ en is in 12 jaar heel groot geworden. Harper verwijst met die uitspraak naar de petrochemische ingrediënten in ‘klassieke’ cosmetica, ingrediënten die zij zorgvuldig vermijdt. ‘De mensen in de labs werken graag met synthetische en chemische werkstoffen want die zijn goedkoop. Toen ik op zoek ging naar meer natuurlijke producten en formules, ontdekte ik dat veel cosmeticafabrikanten het samenstellen van hun producten uitbesteden. En dat is nu juist het belangrijkste onderdeel! Ik verbouw mijn plantaardige ingrediënten niet alleen zelf, ik heb ook mijn eigen lab en fabriek. Zo weet ik precies wat er in mijn producten zit en kan ik alles controleren.

Ik geloof in green tech. De terug-naar-de-natuur-visie van simpelheid en minimalisme spreekt mij niet aan. Ik geloof juist in méér ingrediënten voor meer resultaat, dat is immers de belangrijkste reden om skincare te gebruiken. Wij maken effectieve producten zonder een druppel synthetische ingrediënten. Jazeker, de meeste ‘klassieke’ merken gebruiken ook plantaardige ingrediënten zoals bloemen, kruiden, kokos etc. Maar ze mixen het met industriële troep, en dat is het probleem. Bewaarmiddelen, opdikkers en parfum – de formulemakers in de labs zijn er verslaafd aan, want het maakt hun werk gemakkelijk. Maar ik vind dat je geen chemische stoffen op je huid moet smeren. De formulering van natuurcosmetica is heel moeilijk en het stabiel houden van de formules, met de juiste pH, een hele kunst. Wij kunnen inmiddels werkzame natuurcosmetica maken uit grondstoffen die wel een stuk duurder zijn. Wij vullen onze eigen producten op de boerderij en hebben geen enorme voorraden, want ik wil dat mijn klanten producten zo vers mogelijk krijgen. Het enige waar ik nog niet uit ben is een natuurlijke spf. Goede formules maken met titaniumdioxide is lastig, omdat het een wit waasje geeft. Ik ben er al vier jaar mee bezig en hoop dat het ons binnenkort lukt met een goede technologie uit Australië.’

Terug naar de natuur

De Oostenrijkse Susanne Kaufmann is in 15 jaar ook een grote naam geworden in eco- cosmetica. Haar filosofie: zo natuurlijk mogelijk, maar effectief. ‘Je kunt niet 100% natuurlijk of biologisch zijn als je ook effect wilt scoren,’ zegt ze als ik haar spreek in Amsterdam. ‘Wij gebruiken high-end actieve plantaardige werkstoffen, wel tot 39% in bijvoorbeeld de anti-aging-lijn. Dat is wel duur. In plaats van siliconen gebruiken we zijde van cocons waar geen vlinders meer in zitten. Daar is allemaal over nagedacht. De natuurlijke cosmeticamarkt groeit en de industrie wordt steeds inventiever, dat is een heel positieve ontwikkeling. De lifestyle van kritisch kijken naar wat je eet, gebruikt en smeert wordt steeds groter. We moeten lokaler gaan consumeren, terug naar het gebruik van producten van waar we vandaan komen. Bovendien zijn de verpakkingen van cosmetica een groot probleem voor het milieu, en dus kiezen wij recyclebare verpakkingen. Die van onze cleansers bijvoorbeeld zijn gemaakt uit suiker. En als dat niet kan verpakken wij in glas, met deksels van recyclebaar plastic die je apart moet weggooien.’

Rayna van Aalst selecteert de merken van haar – meestal vrouwelijke – fabrikanten voor haar Nederlandse ‘green’ webshop (reinaorganics.com) behalve op ingrediënten ook op de informatie die de merken geven, hoe betrouwbaar ze zijn en hoe transparant. Ze ontmoet ze en kijkt hoe duurzaam ze produceren. Lina Hanson (Amerikaans visagist met een minimalistische make-uplijn), Laurel Shaffer (die gelooft in gebruik van de totale plant in plaats van extracten voor haar Laurel Whole Plant Organics) en Leah Klasovsky van Leahlani behoren tot haar favorieten omdat ze zo serieus zijn in wat ze doen. Maar bij het van ver halen van producten kun je natuurlijk groene vraagtekens zetten. Is het milieuvriendelijk als jouw cleanser per vliegtuig naar je toekomt?

‘Opdikkers en parfum – formulemakers zijn er verslaafd aan'

Paulina Moes is founder van Skins Institute Spa in Hotel de l’Europe en al jaren professioneel bezig met groene skincare. ‘Als je naar de INCI-lijst (internationaal gestandaardiseerde lijst van stoffen in cosmetica) kijkt, kun je meteen zien of het ingrediënt waar de fabrikant reclame voor maakt ook echt gebruikt wordt, en ongeveer in welk percentage. Als het helemaal onder aan de lijst staat, weet je dat er maar heel weinig van in zit. Behalve naar de ingrediëntenlijst kijk ik naar de mensen achter het product, de bedrijfsvoering. Is die fair trade, milieubewust? Is het bedrijf transparant? Hebben ze antwoord op mijn vragen? Pas dan neem ik het product op in mijn spa. Ik doe bijvoorbeeld behandelingen met de merken Marie Veronique en African Botanics. Of deze producten echt iets kunnen doen voor je huid? Jazeker, denk aan vitamine C, dat is een bewezen actief ingrediënt. En plantaardige retinol. Daarmee kun je echt verschil maken. Maar voor alles geldt: blijf kritisch, en blijf altijd zelf nadenken.’

Het zekere voor het onzekere

Met welke goede intenties gemaakt ook, wie het zekere voor het onzekere wil nemen let erop of een product een keurmerk heeft. Keurmerken als Ecocert en controleren of de fabrikanten wel echt biologische ingrediënten gebruiken, eco produceren, milieubewust verpakken en niet stiekem ‘groenwassen’. De certificaten hebben één nadeel: ze zijn duur en tijdrovend om te krijgen. Tata Harper zegt: ‘Je doet het voor je klanten, je wil mensen zeker laten weten dat het niet de salesdame is die zegt hoe natuurlijk het product is, maar een derde, onafhankelijke partij. Certificeren is duur, wij geven ongeveer 100.000 dollar per jaar uit om een Ecocert-label te kunnen hebben.’ Daarom bedenken sommige –kleine – merken hun ‘eigen certificaat’, maar dat is van jezelf zeggen hoe goed en eerlijk je bent.

Vogue tipt

Dit zijn de labels die ertoe doen, aldus Vogue.

Cosmos is een jonge non-profitorganisatie in België die over de ‘Cosmos standard’ waakt en zijn Cosmos-label alleen geeft aan producten die volgens de hoogste biologische eisen samengesteld zijn. Let op: er is een Cosmos Organic en een Cosmos Natural label. cosmos-standard.org

Natrue: een label dat alleen op cosmetica staat die daadwerkelijk biologisch of ecologisch is. Natrue werkt samen met IOAS en controleert de inhoud van producten evenals het productieproces. Natrue staat voor ‘True Friends of Natural and Organic Cosmetics’. natrue.org

BDIH (het verbond van Duitse industrie- en handelsondernemingen voor geneesmiddelen, reform- en lichaamsverzorgingsproducten) kwam in 1996 met richtlijnen. BDIH geeft een keurmerk Gecontroleerde Natuurcosmetica uit, waar inmiddels zo’n 65 bedrijven bij zijn aangesloten.

Het Franse Ecocert: richt zich op de ecologische en organische productie van cosmetica. Het heeft richtlijnen opgesteld die het gebruik van natuurlijke bestanddelen met hoge ecologische kwaliteit stimuleren.