Op een vrijdagavond, nog net vóór de ingang van de avondklok, stort ik me met drie vriendinnen op een blok port salut. Hoe het hen vergaat, dat thuis leven en werken? 'Nou, ik ben wel gestopt met schoenen dragen,' bekent een van m'n tafelgenoten. 'En niet eens bewust! Ik merkte laatst pas op dat ik al weken maar één paar uit m'n rek pak, en dan alleen voor een supermarktbezoek.'

Mijn twee vriendinnen knikken begrijpend mee. Joh, zij doen hetzelfde al wéken, al grijpen ze af en toe wel naar een paar pantoffels. Een andere vriendin, net terug van drie maanden studeren in Italië, snapt de keus ook wel. Voor Nederlanders is het de normaalste zaak van de wereld om je moddersporen overal mee naar toe te nemen, maar in veel andere culturen is binnenhuis schoenen dragen simpelweg not done.

Mij zul je niet horen zeggen dat deze argumenten klinklare onzin zijn. Maar toch: ik heb talloze rituelen laten doodbloeden door covid, maar het strikken van m'n veters is er daar niet een van. Terwijl mascara inmiddels tot een vage kennis uit het verleden behoort sta ik toch elke dag weer voor m'n schoenenkast, ook op een Zoomloze zondag.

Zien: zo wordt een Dior-pump gemaakt

Indruk maken

Grappig genoeg wordt er vaak nog gedacht dat je kleding vooral voor anderen draagt. In die zin is het logisch dat schoenen, die werkelijk op geen enkele digitale meeting te zien zijn, als eerste het loodje leggen. Toch maak je met kleding – en dus ook schoenen – bovenal indruk op jezelf. Dit wordt in de wetenschap bestempeld als enclothed cognition, en draait om de invloed die je kledingkast op je mentale gesteldheid heeft. Zo zouden mensen met een 'doktersjas' beter presteren op een aandachtstest dan mensen met een 'schildersjas'. Je voelt 'm al aankomen: het ging om hetzelfde kledingstuk.

Signalen creëren

Voor modejournalist Vanessa Friedman gaat deze theorie inderdaad op, zo schrijft ze in The New York Times. 'Ik heb signalen nodig om mijn brein duidelijk te maken dat het nu in werkmodus gaat. Naar buiten gaan kan zo’n signaal zijn, maar als dat niet kan, verzin ik rituelen die hetzelfde effect hebben. Me fysiek van mijn bed naar de computer verplaatsen werkt niet. Mijn haar borstelen en een T-shirt en schoenen aantrekken wel.'

Persoonlijkheid

Nog los van het psychologische effect draaien schoenen voor mij ook om iets anders: persoonlijkheid. Nu ik me al bijna een jaar niet voor kantoordagen, feestjes of face to face interviews heb hoeven aankleden, voelt het soms alsof ik verder afdrijf van wie ik ben. En ja: het klinkt natuurlijk bijzonder oppervlakkig, een identiteit die op basis daarvan samenhangt of valt. Maar in een tijd waarin praktisch iedereen in hetzelfde schuitje zit, en jouw leven vaak bar weinig verschilt van dat van de ander, kan een persoonlijke (stijl)keus je daadwerkelijk weer een broodnodig sprankje individualisme opleveren.

Want waar je er niet voor kiest om elke dag weer in je woonkamer achter je laptop te moeten kruipen, of stipt om kwart voor negen bij een verdrietige vriendin weg te moeten fietsen, kun je er wél elke dag voor kiezen om een beetje persoonlijkheid in leven te houden. Beschouw het vooral niet als iets materialistisch, maar als iets van jou alleen. Schoenen vormen een onaantastbaar stukje identiteit waar geen pandemie aan kan komen, en alleen al die gedachte maakt een donkere dag een stuk lichter.