Een safari in Afrika is een life-changing ervaring, maar steeds meer reizigers willen ook iets teruggeven aan de lokale natuur en bevolking. Gelukkig zijn er steeds meer projecten die cultuur en natuur helpen behouden en onderwijs stimuleren, deels dankzij gefortuneerde toeristen die graag verblijven in luxe eco-lodges. Vogue reisde naar Tanzania en ontdekte hoe belangrijk deze initiatieven zijn.

Advertentie - Lees hieronder verder

Vanuit ons bed horen we hyena’s huilen. Een familie olifanten loopt met twee kleintjes rakelings langs de tent en even verderop gaan tientallen nijlpaarden te water. Onze slaapplek ligt midden in de Selous Game Reserve, in het zuiden van Tanzania. Al zijn we gewaarschuwd dat de mug veruit het dodelijkste dier is in Afrika, we voelen ons in het donker toch een stuk veiliger met ranger Joseph in de buurt.

De Afrikaanse zon

We zijn naar Oost-Afrika gereisd om met eigen ogen te zien hoe de luxe reisindustrie een positieve bijdrage kan leveren aan de lokale omgeving. Ons programma is samengesteld door Journeys by Design, een reisbureau gericht op Afrika. Het agentschap plant de exorbitante vakanties van Arabische prinsen en cliënten als Ralph Lauren. Maar het draait daarbij niet alleen om het comfort van de reizigers en het spotten van de big five; de inkomsten worden geïnvesteerd in het behoud van de natuur en educatie voor de lokale bevolking. Wanneer we later in de week enkele lokale projecten bezoeken blijkt dat dit type bedrijfsmodel hard nodig is.

Advertentie - Lees hieronder verder
Tom Parker

Om in de Selous te komen zijn drie vluchten nodig. Via een overstap met Kenya Airways in Nairobi arriveren we op het vliegveld van Dar es Salaam. Daar staan we, samen met een nerveus Brits stel, naast een piepklein vliegtuig op de piloot te wachten. Terwijl de wolken zich samenpakken en het begint te stortregenen, start piloot Pete de motor. Zijn Cessna biedt slechts ruimte voor een handvol passagiers, en na 1,5 uur vliegen blijkt het laadruim - lees: de achterbank - niet bepaald waterdicht geweest. Onze bagage is doorweekt. Gelukkig lost dit probleem zich in de Afrikaanse zon snel op.

Advertentie - Lees hieronder verder

We logeren bij Roho ya Selous, een net geopende accommodatie die direct grenst aan de Rifiji-rivier. De acht ruime tenten meten elk zestig vierkante meter en bieden door de weidse ligging volop privacy. Met de rivier op loopafstand en te midden van een beboste omgeving, biedt het gebied meerdere safari-opties: van boswandelingen en boottochten tot de safari per fourwheeldrive.

Roho Ya Selous

‘s Middags maken we na een tocht over het Nzerakera-meer. We spotten tientallen goudgeelgekleurde krokodillen. Ze liggen onopvallend zij aan zij op de zangerige strandjes rond het meer. Sommige sperren hun kaken wijd open om via hun forse bek de warmte door hun lichaam te geleiden. De zwarte rotsblokken waar we vlak langs varen blijken enorme nijlpaarden. In tegenstelling tot de krokodillen eten ze geen vlees maar gras. Ze zijn dus relatief ongevaarlijk, maar kunnen alsnog aanvallen als ze angstig worden of hun jongen willen beschermen.

Adelaars, ijsvogels en bijeneters

Het meer is met zijn zandbanken en vertakkingen de uitgelezen plek om bijzondere vogels te spotten. Gigantische adelaars cirkelen hoog boven ons, op zoek naar een prooi. Enkele ooievaars lopen met bravoure scheerlings langs een slapende krokodil. We spotten ijsvogels, bijeneters, uilen en neushoornvogels. En onderweg terug naar het kamp zien we vanuit de open auto giraffes, zebra’s, buffels, gnoes en honderden rooibokken, die sierlijk tussen de palmen doorhuppelen, net zoals wij genietend van de laatste zonnestralen.

Advertentie - Lees hieronder verder
Nico Bustos, Artlist Syndication

Eeuwenoude Baobabs

Nog voor het ochtendgloren trekken we er met een ranger op uit om de nabije omgeving te voet te verkennen. Het blijkt verreweg de meest intieme manier om de indrukwekkende flora en fauna te ervaren. Rond het kamp staan enkele majestueuze baobabs, die duizenden jaren oud kunnen zijn. Onderweg komen we geelbebloesemde cassiabomen tegen waarvan de lange peulen door de lokale bevolking als kaarsen worden gebruikt. Terwijl we vooral om ons heen kijken of we wilde dieren zien legt de gids uit dat juist de uitwerpselen op de grond een schat aan informatie opleveren over hun habitat en leefpatroon. Omdat het gebied nogal dunbevolkt is en er maar weinig toeristen in de regio komen, hebben jagers er grotendeels vrij spel. Veel van de iconische Afrikaanse fieren zijn de laatste decennia dan ook sterk in aantal afgenomen. Paradoxaal genoeg is het grootste deel van de Selous ingericht als gebied waar trofeejacht – legale jacht – plaatsheeft.

Operationeel manager Sandra van Roho ya Selous legt uit dat er geen perfecte oplossing is, en - afgezien van het ethische bezwaar - deze opzet erger verhindert. Beheerders van de legale jachtgrond hebben er alle baat bij dat stroperij op hun gebied wordt uitgebannen en beschermen hun landgoederen dus streng. Bovendien leveren de gereguleerde jachtconcessies veel meer geld op voor de bescherming van wildlife dan andere vormen van toerisme.

Singita Mara
Advertentie - Lees hieronder verder

De volgende dag vliegen we naar de Serengeti en bezoeken we enkele lokale projecten die gefinancierd worden door het toerisme. Projectmanager Benjamin leidt ons rond op de school die hij bestiert om leerlingen het belang van biodiversiteit bij te brengen. Hij vertelt dat bewoners uit de arme omliggende dorpen vooral jagen voor het vlees, om zo te voorzien in hun eerste levensbehoeften. Het uitbannen van de jacht betekent dat de lokale bevolking een alternatief nodig heeft om aan eten en inkomsten te geraken. Naast educatie is het opzetten van kleine ondernemingen, agrarische projecten en lokale markten daarom erg belangrijk.

Veel oud-jagers worden actief in de opsporing van stropers of krijgen de mogelijkheid onderwijs te volgen, waarna ze in de toeristische sector een baan als kok of gids vinden. Deze opleidingen worden gefinancierd door de lokale reisorganisaties en lodges. Zowel de kok als onze gids bij de tweede accommodatie, Mara River Tented Camp, hebben hier met succes gebruik van gemaakt. Omdat ze met deze nieuwe inkomstenbron voor hun familie kunnen zorgen zijn broers en neven met de jacht gestopt.

Singita Mara

Spectaculair schouwspel

De eco-lodge ligt vlakbij de Keniaanse grens, in het gebied waar jaarlijks de grote migratie plaatsvindt. Ruim een miljoen gnoes en honderdduizenden andere hoefdieren leggen dan lange afstanden af op zoek naar eten en water. Het zorgt voor een spectaculair schouwspel, waar veel toeristen op afkomen. Maar ook buiten de grote migratie om is er genoeg wildleven te zien op de uitgestrekte Afrikaanse savanne. Op sommige plekken wordt het vrije zicht op de horizon slechts gebroken door enkele platte acaciabomen, waar elegante giraffen de bladeren van eten. Kleinere antilopen vertoeven – slim als ze zijn – in de buurt van apen, die vanuit de bomen beter zicht hebben op toesnellende roofdieren en dan luidruchtig alarm slaan.

Advertentie - Lees hieronder verder

De inrichting van het kamp doet met witte meubels en lokale kunstwerken bohémien aan. Alle tenten hebben een buitenbad dat uitkijkt op de rivier waar dikwijls olifanten spelen en zich wassen. Met dit uitzicht is opstaan om halfzes zo erg nog niet. De accommodatie draait volledig op door solarpanelen opgewekte energie en is gebouwd met hergebruikte en natuurlijke materialen.

De derde en laatste plek waar we verblijven, ook in de Serengeti, is de meest luxe. De stenen bungalows met canvas dak in Faru Faru beschikken over een riante glazen wand om de zebra’s te aanschouwen die in de vijver komen drinken. Verder heeft elk huisje een ruim terras met ligstoelen en een buitendouche, en is er voor gemeenschappelijk gebruik een spa, yogazaal, zwembad, bibliotheek en restaurant op sterrenniveau.

Faru Faru

We bezoeken ’s ochtends het nabijgelegen Sasakwa Lodge voor een ontbijtafspraak met natuurbeschermer Stephen Cunliffe. Hij geeft leiding aan het Singita Grumeti Fund, dat een grondgebied van 140 duizend hectare beheert in het westelijk deel van de Serengeti. Dankzij de inzet van het fonds zijn de aantallen buffels en leeuwen in dertien jaar minstens vertienvoudigd, en leven er nu vier keer zoveel olifanten als voorheen.

Als we opmerken dat het terras van de op een heuvel gelegen Sasakwa Lodge wel het mooiste uitzicht van Tanzania moet hebben, houdt Stephen een van de mogelijkheden waarop in zijn fonds geïnvesteerd kan worden. Op het immense landgoed zijn maximaal acht plekken aangewezen waar ruime villa’s gebouwd mogen worden. Voor de geïnteresseerden: ze zijn niet te koop, maar te huur voor de som van 250.000 dollar per jaar. Contractduur: minimaal 99 jaar. Bestemd voor wie in een huis wil investeren om een andere reden dan financiële winst en ook na zijn of haar dood een blijvende bijdrage wil leveren aan dit betoverende continent. Afrika dankt u bij voorbaat hartelijk.

Advertentie - Lees hieronder verder

Vogue reisde op uitnodiging van Kenia Airways en Journeys by Design.