Zo schopte de Nederlandse Mary Wang het tot Weekend Culture Editor bij Vogue.com

Vogue in gesprek met Vogue US' Mary Wang.

mary-wang-vogue-amerika
Tony Tran voor Elsewhere Zine

Hoe je een baan strikt in de hoogste moderegionen, ofwel bij de Amerikaanse Vogue? De Chinees-Nederlandse Mary Wang (27) kreeg het voor elkaar, maar haar ultieme advies? Dat is om altijd dichtbij jezelf te blijven: ‘Ik denk dat je het jezelf heel moeilijk maakt door een tunnelvisie te hebben, door precies uit te denken: “Ik moet dit doen en dan dat.” Volg simpelweg je interesse. Als je in de mode wil werken kun je er volgens mij beter voor zorgen dat je een brede kennis opdoet op verschillende vakgebieden. Hierdoor heb je iets nieuws te bieden. Verder is het ook belangrijk dat je de mensen leuk vindt op je werk.’ Met haar kleurrijke verschijning is Wang helemaal op haar plek in Sally Singers team bij Vogue.com. Vanuit haar appartement in downtown Manhattan, tussen SoHo en Nolita, vertelt ze hoe ze na maar liefst zes sollicitatiegesprekken deze felbegeerde job kreeg, wat eraan vooraf ging en hoe haar dagen eruit zien.

'Ik besefte al snel dat de mediawereld in Nederland en ook Engeland te klein voor mij was.'

Je bent opgegroeid in Rotterdam. Hoe ben je in eerste instantie in New York terecht gekomen?
‘Ja, lang verhaal. (lacht) Ik heb eerst architectuur gestudeerd in Londen, maar dat bleek al snel niks voor mij. De opleiding an sich was heel goed, maar ik merkte dat ik veel liever schreef dan iets bouwde of tekende. Schrijven was ook niet nieuw voor mij, want ervoor had ik ook al voor Spunk geschreven – net zoals Gijsje (Ribbens) en Nathalie (Wouters) die nu voor Vogue Nederland werken. Het zat er dus al heel vroeg in. Na mijn architectuuropleiding wist ik even niet zo goed hoe verder, maar ben toen meer en meer gaan schrijven en freelancen. Daarna besloot ik het officieel te maken door een schrijfopleiding te gaan volgen. Waarom New York? Ik besefte al snel dat de mediawereld in Nederland en Engeland te klein voor mij was. Niet qua hoeveelheid publicaties, maar op het gebied van diversiteit had ik het idee dat ik in Amerika meer op mijn plek zou zijn. Voor elke achtergrond, voor elke invalshoek, is er in de journalistiek en literatuur in grote of kleine oplage wel iets te vinden in Amerika.'

'Het werd de non-fictie stroming binnen de Creative Writing MFA op Colombia University. Ja, het is een heel prestigieuze school, het is heel competitief, maar ook op de beste scholen heb je zowel goede als slechte studenten. Wat verder voor mij ook interessant was aan deze plek is dat non-fictie echt een Amerikaanse uitvinding is. Het is begonnen met New Journalism in de jaren zestig dat net zoals kunst op zichzelf staat; het draait niet om enkel informatie overbrengen, maar ook om cultuur. Het idee dat cultuur juist voortvloeit of wordt vormgegeven door het werk van schrijvers. Juist daarom ben ik niet de journalistieke kant opgegaan, maar werd het puur een schrijfopleiding. Ik heb overigens niks tegen Nederland of Engeland, maar het medialandschap is – zoals ik al eerder aanhaalde – meer divers in Amerika. Met witte schrijvers, zwarte schrijvers, Aziatische, onderwerpen worden vanuit elk mogelijke invalshoek belicht. Dat vond ik heel belangrijk.’

'Natuurlijk is mijn Engels schrijven niet zo intuïtief als een native speaker, maar dat kan volgens mij ook een voordeel zijn.'

Je bent geen native English speaker. Heb je hierdoor extra hard moeten werken om te slagen als Engelstalig schrijver?
‘Je moet bedenken dat ik ook geen native Nederlandse spreker ben. Ik ben op mijn achtste naar Nederland verhuisd en toen heb ik pas de taal geleerd. Naarmate ik het Chinees begon te vergeten is het Nederlands mijn moedertaal geworden, maar hetzelfde gebeurt nu in mijn beleving met het Engels. Ik woon nu sinds 2009 in het buitenland – in Londen tot 2014 en sindsdien in New York. Helaas merk ik ook dat ik steeds meer moeite heb met Nederlands schrijven. Natuurlijk is mijn Engels schrijven nog steeds niet zo intuïtief als dat van iemand die in Amerika is geboren en getogen, maar volgens mij kan dat juist ook een voordeel zijn. Zo ga ik er nooit vanuit dat de lezer zomaar iets begrijpt, daar wil ik niet op rekenen. Het is voor mij niet interessant als maar een select groepje mensen mijn werk kan begrijpen, het gaat uiteindelijk om communiceren met verschillende groepen. Als je niet helemaal in de Amerikaanse cultuur zit zoals ik ben je minder afhankelijk van heel spreekwoordelijke of specifieke woorden of uitdrukkingen. Je grijpt sneller naar simpele, heldere taal. Dat kan volgens mij juist een voordeel zijn.’

Je zit nu een paar maanden bij Vogue US. Hoe kreeg je de kans om hier überhaupt op gesprek te komen?
‘Toevallig zag ik een vacature in de nieuwsbrief van mijn vorige opleiding. Dit was overigens een jaar nadat ik was afgestudeerd. Na mijn afstuderen begon ik eerst bij een nieuwsorganisatie, een publieke omroep, waar ik een totaal andere baan had dan nu. Ik kon daar niet helemaal mijn ei kwijt, dus besloot om even niet te werken en mij te focussen op wat ik echt wilde. Toen ik de vacature zag dacht ik het gelijk te proberen. Ik had toevallig een vriendin die al bij Vogue US werkte als producer en zij heeft mijn cv doorgegeven aan de recruiter. Zo is het balletje gaan rollen.’

'De eerste vraag die Anna Wintour mij stelde vond ik heel leuk, heel menselijk.'

Hoe verliep je sollicitatiegesprek (en de procedure erna) met Anna Wintour?
‘Ik heb elk organisatorisch niveau wel gezien binnen Vogue US, heb zes verschillende mensen gesproken waaronder, inderdaad, ook Anna Wintour zelf. Het was een redelijk lang proces dat zo vijf, zes weken duurde. Wat mij het meest heeft verrast? Ik vond de eerste vraag van Anna heel leuk, heel menselijk. Ze vroeg wat ik in het weekend doe? Die vraag geeft aan dat ze ook geïnteresseerd is in wie jij als persoon bent buiten werk om, dat ze op zoek is naar mensen met bredere interesses. Hierop antwoordde ik dat ik schreef en las over mode in de weekenden, aangezien ik doordeweeks bij een nieuwsorganisatie werkte.’

Hoe heb je je verder voorbereid op je sollicitatie?
‘Ik denk dat je heel slim en strategisch moet zijn in hoe je je voorbereid op een sollicitatiegesprek, welk sollicitatiegesprek dan ook. Je moet veel respect hebben voor degene die tegenover je zit. Dat betekent niet dat je altijd maar ja moet knikken, maar wel begrijpen wat iemand interesseert, wat ze hiervoor hebben gedaan. Het is belangrijk goed je onderzoek te doen, beslagen ten ijs te komen. Het klinkt cliché, maar denk ook na over wat jij te bieden hebt, wat jou anders maakt.’

'Sally Singer, onze Creative Digital Director die Vogue.com leidt, is echt een legende. Zo'n fascinerend persoon.'

Waarom denk je dat jij het uiteindelijk bent geworden?
‘Daar hebben ze nooit feedback op gegeven, dus ik weet het niet exact. Wat volgens mij in mijn voordeel heeft gewerkt (en volgens mij is dat een pré voor elke willekeurige baan) is dat ik breed geïnteresseerd ben, juist niet altijd in de mode heb gewerkt, maar veel verschillende ervaringen in diverse branches heb opgedaan. Door die verschillende specialiteiten kan ik nu mijns inziens ook mijn werk beter doen. Ik breng weer andere kennis naar de modewereld dan iemand die bijvoorbeeld op een academie heeft gezeten. Toen ik stopte met mijn vorige baan dacht ik wel even:“Waarom ben ik toch zo geïnteresseerd in zoveel uiteenlopende zaken?” Maar voor deze job werkt het. Verder is elk tijdschrift nu een nieuwsorganisatie. Vooral in Amerika met veel politiek nieuws en alles gaat razendsnel. Het was dus handig dat ik hiervoor bij een nieuwsorganisatie mijn sporen heb verdiend.’

‘Natuurlijk moet je verder ook in het team passen. Wat ik ook een heel leuk sollicitatiegesprek vond was die met Sally Singer, onze Creative Digital Director die Vogue.com leidt. Zij is echt een legende. Ik vind haar zo’n fascinerend persoon. Haar achtergrond is ook heel breed en divers. Ze werkte eerder voor Vogue UK, de London Review of Books, T: The New York Times Style Magazine en nu Vogue.com. Ze heeft een heel duidelijke visie en je kunt aan de Vogue website aflezen dat ze geïnteresseerd is bijzondere, rijke, eigenaardige en individuele zaken en mensen. Zo stelt ze ook haar team samen.’

'Voor alle zes sollicitatiegesprekken bij Vogue droeg ik dezelfde combinatie van een witte blouse en donkerblauwe broek of rok. Simpel voor mijn doen, maar ik had wel een soort insider modereferenties.'

Natuurlijk de vraag: wat trok je aan voor die zes sollicitatiegesprekken?
‘Ik droeg steeds dezelfde combinatie met een witte blouse en donkerblauwe broek of rok. Redelijk simpel voor mijn doen, maar ik heb al roze haar en realiseerde mij dat dit al best veel is. Hoewel ik de outfit simpel hield, had ik wel een soort van insider modereferenties. Denk aan een Miu Miu-rok uit de Lente/Zomer 2010-collectie met een print van naakte vrouwen. Dat is ook mijn lievelingsrok. Verder een Delpozo broek die heel groot en wijd was. Eenvoudig in de donkerblauwe kleur, maar opvallend qua vorm.’
‘Mensen die mij kennen weten dat mijn stijl vrij uitgesproken is. Hiervoor heb ik weliswaar in nieuws gewerkt waar ik heb geleerd me meer basic te kleden. Als je een interview doet met, zeg, de burgemeester wil je niet dat jouw kleding afleidt van het interview. Daardoor is mijn stijl meer down to earth geworden. Nu kleed ik me naar kantoor zoals ik wil. Het zijn geen galajurken en ook geen onmogelijk hoge hakken, maar het is wel vaak kleurrijk en speels en verder redelijk comfortabel.’

Hoe ziet een gemiddelde werkdag bij Vogue US eruit?
‘Ik werk van woensdag tot zondag, want ik ben de weekend editor. In het weekend is het vaak razend druk, doordeweeks kan ik nog een beetje ademen. Zodra ik wakker word, terwijl ik nog in bed lig en de gordijnen nog dicht zijn, kijk ik meteen op mijn telefoon. Het nieuws checken; wat is er gebeurd op Twitter, op Facebook, in de kranten. Als het groot nieuws is typ ik vanuit mijn bed het eerste nieuwsartikel. Op een gegeven moment begeef ik me (lopend) naar kantoor bij het World Trade Center. Ik werk overigens alleen doordeweeks op kantoor, anders thuis. Soms hebben we ’s ochtends nog een meeting staan, soms in de avond nog een screening of event. Als het doordeweeks iets rustiger is werk ik aan interviews en recensies. Dat is in het weekend onmogelijk, dan ga je non-stop door.’

Wat zijn de leukste schrijfklussen die je hebt mogen doen voor Vogue US tot nu toe?
‘Ik mocht (journalist, feminist en activist) Gloria Steinem interviewen. Dat vond ik waanzinnig, for obvious reasons. Ja, toen was ik wel echt starstruck. Ik zal het niet snel meer vergeten. Ik was heel zenuwachtig, maar ze was zo vriendelijk en benaderbaar. Het was bijna of ze het interessanter vond om over mij te praten dan over zichzelf, wat ik heel cool vond. Toen ik hier net begon te werken heb ik bovendien tennisser Madison Keys mogen interviewen. Dat vond ik juist leuk omdat ik zelf niks over sport weet. Ze is een rijzende ster en topatleet, die helemaal opgaat in wat ze doet. Ik heb niet maar één onderwerp waar ik graag over schrijf, maar vaak raken mijn onderwerpen aan gender en ras. Dat zijn over het algemeen meer gevoelige onderwerpen. Als ik vervolgens van lezers op social media hoor dat ze er echt wat aan hebben gehad, of er iets van hebben opgestoken, kan mijn dag al niet meer stuk.’

Advertentie - Lees hieronder verder
Meer van Interviews