Vanaf het maart 2019 nummer vind je in Vogue Nederland elk nummer drie nieuwe columns: volg de mini-memoires van Kim van Kooten, Madeleijn van den Nieuwenhuizen en Romy Boomsma.

Het eerste kledingstuk waar ik mijn hart hopeloos aan verloor was een cognackleurige suède driekwartjas met geborduurde rode en roze bloemen langs de mouwen en een voering van schapenvacht. Een Afghaanse hippiejas uit de seventies in perfecte staat: de vintage vondst van mijn dromen. Helaas liep ik hem vlak voor mijn puberale groeispurt tegen het lijf. Hoewel het met die groei wel tegenviel, was het genoeg om mijn nieuwe schat sneller dan me lief was te ontgroeien. Ik hield hem nog een jaar geforceerd aan, ook op warme dagen. Tot de mouwen een ongemakkelijke lengte hadden bereikt en de schouderpanden zo begonnen te trekken dat ik mijn armen alleen nog stijf langs mijn lichaam kon houden. Met pijn en moeite stond ik mijn grote eerste liefde aan mijn jongere zusje af, die zich er al net zo fantastisch in voelde.

In mijn volwassen leven val ik nog steeds voor kleding die het gevoel van die jas oproept. Ik kies stukken die niet per se mijn gemoedstoestand reflecteren, maar die hem wel positief beïnvloeden. Ik wil dat ze eerlijk geproduceerd zijn en gemaakt van natuurlijke materialen. Ik hul me in een zwierige jurk op een druilerige dag of een fluwelen jas met goudborduursels als ik boodschappen ga doen op haastige ochtenden. Een beproefde manier om korte metten te maken met de veel te korte nachten die aan dat soort dagen voorafgaan, omdat onze eenjarige zoon weer heeft lopen spoken. Of omdat onze driejarige dochter het fantastische idee had om ons uit te nodigen om vijf uur ’s ochtends te komen puzzelen/lezen/zingen. De stukken waarin ik nu investeer hoop ik op een dag door te geven aan mijn heerlijke nachtbrakers. Hun ervaringen zullen op hun beurt nieuwe invulling geven aan mijn geliefde spullen.

Afgelopen winter werd ik voor het eerst sinds tijden weer eens smoorverliefd. Hoogzwanger zat ik drie jaar geleden op de bank met een enorme bak ijs op mijn even enorme buik. Ik kwam langs het Instagram-account van een bloedmooie blonde vrouw die op een motor door India reisde en ingewikkelde yogaposes deed in kleurrijke kleding.

Hoewel we ongeveer even oud waren hadden onze werelden op dat moment niet méér uiteenlopend kunnen zijn. We raakten online in gesprek. Zij was net een kledingmerk gestart genaamd Zazi Vintage, het doel van haar reizen was werkplekken realiseren om een volledig eerlijke en positieve kettingreactie teweeg te brengen voor de productie van haar merk. Van de handelaar die de stoffen verkoopt en de man die ze per ezel vervoert, tot de vrouwen die het kledingstuk in elkaar zetten: iedereen wordt eerlijk betaald. Een high-end merk, maar volledig transparant. Ze had met eigen ogen de impact van fast fashion gezien en was vastbesloten het anders te gaan doen.

Het kleurrijke, Afghaanse model waar mijn hart door op hol ging is compleet gemaakt van gerecyclede materialen in door haar opgezette werkplekken voor vrouwen in India. Zij werken er drie maanden aan. Met de aanschaf van zo’n jas betaal ik ook nog een jaar de educatie voor een meisje in het dorp waar de jas gemaakt is. Initiatieven als dit vind ik fantastisch. Een prachtige jas die is gemaakt zonder kinderarbeid, zonder het milieu te belasten en waar een meisje door naar school kan. Ik ben head over heels.