Vogue strikt ontwerper Stine Goya voor een gesprek over haar eerste duurzame collectie

Duurzaam op z’n Deens, zo gaat dat juist in zijn werk volgens ontwerper Stine Goya.

Stine-goya-interview-duurzame-collectie
Rasmus Weng Karlsen

In The Earth Issue van Vogue lees je interviews met onder andere Sylvia Hoeks en Michael Kors en praten we je helemaal bij over alle nieuwe ontwikkelingen op gebied van duurzame mode- en beauty. Vogue strikte daarom ook ontwerper Stine Goya voor een gesprek over haar eerste duurzame collectie.

Deens ontwerper Stine Goya (39) begon dertien jaar geleden haar gelijknamige modelabel in Kopenhagen, na een carrière als model en een studie aan Central Saint Martins. We spraken de ontwerper in Kopenhagen over haar eerste duurzame collectie die ze komende herfst lanceert.

Wat is toch het geheim van Deense mode?
‘De Deense modewereld is de afgelopen jaren erg veranderd: waar onze mode eerst bekend stond om z’n minimalisme en eenvoud, zie je nu dat stylisten, ontwerpers en streetstylesterren juist een eigengereide manier van stylen tot een kunst hebben verheven. Dit sloeg aan op social media, wat denk ik wereldwijd een sneeuwbaleffect heeft gehad. Ook zijn de meeste Deense labels heel draagbaar en toegankelijk qua prijs, maar omdat ze wel duidelijk een eigen stempel hebben en kwalitatieve stukken maken, draag je toch iets unieks.’

'Na jarenlang in het hectische Londen te hebben gewoond wilde ik terug naar mijn geboorteland'

Stine-goya-vogue-interview-duurzame-collectie
Julie Bjarnoff

Waarom ben je van Londen terug verhuisd naar Kopenhagen na je opleiding aan Central Saint Martins?
‘Voor mij was dat een logische stap. Na jarenlang in het hectische Londen te hebben gewoond wilde ik terug naar mijn geboorteland. Ik zag ook dat het een stuk makkelijker zou zijn om in Kopenhagen een eigen merk op te zetten dan in Londen, waar de concurrentie veel groter is.’

Je lanceert deze herfst je eerste duurzame capsulecollectie, bestaande uit twaalf showpieces. Waarom is voor jou nu het moment?
‘Omdat ik het direct goed wilde doen. Ik wilde de lat van het duurzame ontwerpproces hoog leggen en de kwaliteit kunnen bieden die onze klanten van ons gewend zijn. Ik wist dat het een moeilijk proces zou zijn en dat het veel van het bedrijf zou vragen. Daarom wilde ik eerst focussen op groei. Er komt zoveel bij kijken: je hebt de juiste leveranciers nodig, je moet de juiste stoffen gebruiken en de juiste prijzen bepalen. Maar nadat mijn man en ik (Thomas Hertz, CEO van Stine Goya, red.) in september gesprekken hadden gevoerd met Eva Kruse, de CEO van Copenhagen Fashion Summit die zich inzet voor verduurzaming van de mode-industrie, wisten we dat we de stap moesten nemen.’

Hoe heb je het aangepakt?
‘We wilden het op een manier doen die aansluit bij ons DNA. Zo zijn we vrijwel het enige merk in Denemarken dat rodeloperstukken maakt en we merkten dat er de laatste seizoenen veel goede reacties kwamen op de embellished stukken uit onze ready-to-wearshows. Thomas kwam op het idee om een kleine collectie embellished showpieces te maken. Er zijn zo veel merken die ook een duurzame collectie beginnen, maar daar wordt dan gestart met een enkel T-shirt. Ik dacht: we moeten onszelf meer uitdagen en kijken wat er allemaal mogelijk is als het op duurzaamheid aankomt. Er is inmiddels een hele industrie ontstaan met kennis over duurzaam geproduceerde stoffen, een duurzaam productieproces et cetera, waar we op kunnen aanhaken.’

'De stof van de roze jurk met pailletten gemaakt van een selectie kruiden'

Wat maakt deze collectie duurzaam?
Thomas: ‘We beseften dat we niet in één seizoen onze complete productieketen duurzaam konden maken. Dus hebben we gefocust op de stoffen. Het opstartproces was lastig, omdat we hadden gehoord dat er veel duurzame stoffen waren. Ons team vertrok naar grote stoffenbeurzen als Première Vision in Parijs en kwam daar teleurgesteld vandaan: de duurzame stoffen bleken beperkt tot een hoekje van de beurs. Dus namen we contact op met meer gespecialiseerde leveranciers, die stoffen printen zonder water. Belangrijk, want het printproces kost normaliter ontzettend veel water. Omdat onze collecties zoveel prints bevatten was dit een mooi startpunt.’

Stine: ‘Daarnaast zijn alle pailletten gemaakt van gerecycled plastic van een bedrijf in het Verenigd Koninkrijk. Voor de zijde is gebruikgemaakt van ‘peace silk’, geweven van de lege cocons van zijderupsen, waarbij de rupsen niet worden gedood en kunnen uitgroeien tot vlinders. Het polyester in de looks is gerecycled en de knopen zijn gemaakt van gerecycled poeder van schelpen.’

Je gebruikt veel kleur. Een tint felroze heb je zelfs een naam gegeven: Goya pink. Was trouw blijven aan je kleurgebruik voor deze collectie een extra uitdaging?
Stine: ‘Nee, en daar was ik verbaasd over. Zo is de stof van de roze jurk met pailletten gemaakt van een selectie kruiden. Misschien dat het roze daardoor iets valer is dan een niet-duurzame stof. De kleuren van de andere stukken zijn gemaakt van duurzaam gecertificeerde inkt, die allemaal dus al beschikbaar was.’

Wat is je invloed als ontwerper op het verduurzamen van de mode-industrie?
Thomas: ‘Ik denk dat het belangrijk is om leveranciers feedback van consumenten te geven, zodat ze hun producten kunnen aanpassen. Hoe ziet bijvoorbeeld een bepaalde stof er over een aantal jaar uit? Als je eenmaal aan dit proces bent begonnen is er geen weg meer terug. Iedereen bij Stine Goya is ineens aan het kijken waar we verder kunnen verduurzamen, van het naaiproces tot het kantoor. Zo kunnen we geleidelijk onze andere collecties verduurzamen. Dat zou fantastisch zijn.’

X The Earth Issue van Vogue Nederland ligt nu in de winkels en is verkrijgbaar in de online shop.

Advertentie - Lees hieronder verder
Meer van Magazine