Modefotograaf Annemarieke van Drimmelen (41) mag zich in een exclusief rijtje scharen: dat van Nederlanders die in zowel binnen- als buitenland bijzonder succesvol zijn in hun creatieve vakgebied. Mensen als architect Rem Koolhaas, haarstylist Christiaan Houtenbos, fotograaf/regisseur Anton Corbijn, grafisch ontwerper Irma Boom en modefotografen Inez van Lamsweerde en Vinoodh Matadin. Van Drimmelen werkt sinds 2005 als modefotograaf en schiet campagnes en beelden voor de grootste modetitels en -ontwerpers ter wereld: Vogue (de Nederlandse, Franse, Italiaanse en Amerikaanse editie), Wall Street Journal, Holiday Magazine, M, le magazine du Monde, The Gentlewoman, Hermès, Prada, The Row, Chloé, Armani, en zo kunnen we nog wel even doorgaan.

Haar stijl en visie zijn baanbrekend; voor haar geen schoonheid als onhaalbaar ideaal, Photoshop en verheerlijking van jeugd. Liever onderzoekt Van Drimmelen in haar werk de persoon die ze voor zich heeft, wat het in onze maatschappij betekent vrouw te zijn en thema’s als zelfstandigheid en volwassenwording. En haar jeugdherinneringen, waarin haar moeder – die op Annemariekes tiende overleed – een grote rol heeft. Zoals in haar recent verschenen fotoboek Tadaima. Van Drimmelen woont afwisselend in Brooklyn, met partner Jasper Krabbé en dochter June (1), en in Amsterdam, waar Jaspers dochters Lotus (19) en Lisa (17) deels bij hen wonen.

Je beelden zijn een verademing in de modewereld, die veelal jeugd en perfectie opdringt. Het voelt of je met een bepaalde zachtheid naar vrouwen en hun lijf kijkt. Klopt dat?

‘Dat klopt wel, ja. Ik fotografeer vanuit een vrouwelijk perspectief, wat logisch is: ik bén immers een vrouw. Tegenwoordig is dat geen uitzondering, maar toen ik begon was het klimaat totaal anders dan nu. In mijn beginjaren, zo rond 2005, werd de mode gedomineerd door een vrouwbeeld waarin veel vrouwen zich niet herkenden: jonge modellen met goddelijke lijven, gefotoshopt tot een soort buitenaardse amazones zonder rimpels en poriën. Dat was de reden dat ik als fotograaf voor de mode koos. Ik voelde me als ik een tijdschrift opensloeg totaal niet persoonlijk uitgenodigd. Ik dacht: dit moet anders kunnen.’

'Ik heb nooit een vrouwelijk rolmodel gehad, daar heb ik in mijn fotografie altijd naar gezocht.'

Hoe typeer je jouw werk?

‘Ik hoor niet bij een bepaalde stroming, zoals de vele platforms die draaien om de female gaze, die provocerende beelden maken met cellulitis en acne. Ik wil vooral een connectie maken met de persoon die ik vastleg en daarbij dicht bij mezelf en mijn zoektocht als fotograaf blijven: wie is de vrouw die ik wil zijn? Wat betekent het om in deze tijd vrouw te zijn? Dat heeft er zeker mee te maken dat ik ben opgegroeid zonder moeder; ik heb nooit een vrouwelijk rolmodel gehad, daar heb ik in mijn fotografie altijd naar gezocht.’

Voelen vrouwen zich veiliger voor jouw camera omdat je vrouw bent?

‘Dat heeft niet zozeer met mijn vrouw-zijn te maken, denk ik. Het heeft er meer mee te maken dat ik mijn model uitnodig tot een ontmoeting, waarbij zij en ik elkaar leren kennen en hopelijk écht zien. Dat is een zoektocht die best veel van haar en mezelf vraagt, maar juist die eerlijke kwetsbaarheid is wat we momenteel nodig hebben. Vrouwen etaleren graag dat ze alles onder controle hebben: goeie baan, mooie kinderen en ze zien er zelf ook nog eens top uit. Maar de realiteit is natuurlijk anders. Ik ben persoonlijk veel meer geïnteresseerd in de ruimte die ontstaat als je zegt: ik weet het even níet. Met die zoektocht kunnen we elkaar helpen. Deze uitspraak van Václav Havel vind ik heel mooi: “Kies het gezelschap van diegenen die de waarheid zoeken, maar blijf weg van hen die haar gevonden hebben”.'

'Het deed me inzien dat ik me niet hoef aan te passen, maar mijn eigen pad mag bewandelen.'

Ivan Shaw, de photography director van de Amerikaanse Vogue, gaf je in het begin van je carrière belangrijk advies. Kun je daarover vertellen?

‘Ik ontmoette hem vijftien jaar geleden, toen ik nog bijna geen portfolio had. Ik was supernaïef en vroeg aan mijn agent: ik ga twee maanden naar New York, kun je wat werkafspraken voor me regelen? Twee dagen later belde hij terug: “Je hebt een afspraak bij Vogue.” Ik schrok me dood: dat was nou ook weer niet de bedoeling! Ik was daar nog helemaal niet klaar voor. Maar ja, ik moest natuurlijk gaan. Hij had een selectie foto’s gestuurd, waaronder wat foto’s die waren geplaatst in Nederlandse tijd-schriften. Maar onder aan de mail bungelden ook twee zwart-wit-portretten die ik in Parijs gemaakt had van modellen, bij hen thuis. Van Caroline de Maigret bijvoorbeeld, op de rand van haar bed. Heel intiem. Ivan zei: “De reden dat je hier bent, zijn díe beelden. Daarop zie ik dat je onderdeel bent van het leven van de modellen; je bent een van hen en toont wie ze werkelijk zijn. Daar wil ik meer van zien, want dít is jouw werk. Dit is wat jou gaat onderscheiden van alle andere modefotografen.” Het deed me inzien dat ik me niet hoef aan te passen, maar mijn eigen pad mag bewandelen. Sindsdien zijn Ivan en ik vrienden, hij was ook bij de opening van de tentoonstelling van Tadaima, thuis in New York.’

'Het uitkomen van het boek voelde als thuiskomen.'

Je noemde je moeder daarnet al even. Op welke manier heeft zij je werk beïnvloed?

‘Mijn moeder fotografeerde vroeger áltijd. Het was geen werk voor haar, maar een liefhebberij. Meestal fotografeerde ze ons huiselijk bestaan; mijn vader en mij. Toen zij er niet meer was, heb ik haar camera heel natuurlijk opgepakt en ben ik ermee aan de slag gegaan. Vanuit de gedachte: nu moet ik dat gaan doen. Ik fotografeerde als tiener, net als zij, altijd; mijn foto’s waren mijn visuele dagboek. Tadaima is een ode aan haar. De beelden erin zijn als herinneringen, een soort flarden, waarin de kleur blauw steeds terugkomt. Blauw was mijn moeders lievelingskleur en in het boek heb ik geprobeerd die specifieke kleur blauw, haar blauw, met cyanotypie te vatten. Ik maakte het op een moment waarop veel dingen samenvielen: ik raakte zwanger op mijn negenendertigste; de leeftijd waarop zij stierf. June werd geboren toen ik veertig was; de leeftijd waarop zij al overleden was. Tadaima is Japans voor het moment dat je thuiskomt. Zo voelde het uitkomen van het boek: alsof ik op de drempel van m’n huis stond. Het uitkomen van het boek voelde daarom als thuiskomen. Ik heb het voor mijn moeder gemaakt, tegelijkertijd voelende dat ik iets aan het afronden was. Dat dit het einde van een bepaalde zoektocht betekende.’

Vogue's juli/augustusnummer met Vogue T-shirt ligt vanaf donderdag 18 juni in de winkel en is hier online te bestellen.

BESTEL VOGUE'S JULI/AUGUSTUSNUMMER HIER

Wist je dat je als abonnee Vogue digitaal leest via Tijdschrift.nl? Als abonnee koppel je je Vogue aan de Tijdschrift-app, waarmee je Vogue direct digitaal tot 3 maanden terug kan lezen.