uit-het-archief-de-bruiloft-van-koningin-elizabeth-en-prins-philip-222572
©Camera Press Ltd/ANP

Ik weet niet meer wat we riepen toen we ons op 20 november 1947 tegen de poorten van Buckingham Palace wierpen – maar het was zeker niets kritisch. Pure euforie, dat was het wel. Ik was samen met mijn beste vriendin Lucy en we waren 15 jaar oud.

Dwars door politieafzetting

Ik zou graag willen schrijven dat we onze New Look-jassen aanhadden, de mijne in een turquoise kleur, die van haar spinaziegroen. De jassen reikten tot de grond en hadden een dubbele rij knopen, à la Napoleon. Helaas waren deze veel te kostbaar, dus droegen we gewoon onze marineblauwe schooljas. Klaar voor actie.

In een kort moment slaagden wij erin om door de politieafzetting bij Buckingham Palace te breken en op het voorplein te komen – het paradijs (deze herinnering heb ik inmiddels gecontroleerd aan de hand van persberichten en het klopt: de politieafzetting bezweek tijdelijk).

Blijdschap en euforie 

Het was een lastige tijd, twee jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog. Een tijd van bezuinigingen. Kleren waren gerantsoeneerd en er was een kleine voorraad aan kortingsbonnen. Daarom maakte ik veel kleding zelf. Van eigenaardige materialen die niet beperkt op voorraad waren, zoals parachutezijde. De gruwel van het machinaal bewerken van dat gladde, palingachtige materiaal zal ik nooit vergeten.

Alles wat we graag wilden hebben was op rantsoen, maar er werd ons geleerd niet te klagen. Als je dat wel deed, was er altijd wel iemand die zei: “Denk aan de uitgehongerde kinderen in Europa.” Juist door de moeilijke tijd kwam het koninklijk huwelijk als een welkome afleiding, het zorgde voor een gevoel van hoop en blijdschap en er hing een euforische sfeer omheen.

Waargebeurd sprookje

In de strenge, plichtsgetrouwe wereld kwam een waargebeurd sprookje voorbij. De bruid was een prinses, maar verkleedde zich in de oorlog net zo goed als soldaat. De bruidegom was lang en knap. Een zeeman, maar ook een prins in vermomming. Eentje van koninklijke afkomst.

In het huwelijksprogramma stond prins Philip vermeld als luitenant Philip Mountbatten RN, die op de ochtend van de bruiloft tot hertog van Edinburgh werd gemaakt. Ik kan me niet herinneren iets negatiefs te hebben gelezen over zijn Duitse bloed, noch over het feit dat zijn drie Duitse zussen niet waren uitgenodigd om naar Westminster Abbey te komen.

De bruidsmeisjes 

Er waren acht bruidsmeisjes en twee page boys (trouwbedienden), waaronder de vijfjarige prins Michael van Kent. Een vaderloze jongen – de hertog van Kent werd vroeg in de oorlog gedood – die de bruiloft doorkwam door zichzelf te vermaken met de pailletten op de prachtige bruidsjurk. Dat was althans het verhaal, volgens mijn moeder.

Als echtgenote van de minister van Arbeid woonde zij de bruiloft namelijk bij. Ondanks het feit dat ze veertien dagen eerder was bevallen van haar achtste kind. Een buitengewoon eerbetoon aan de verbeeldingskracht van deze hele gebeurtenis. Hoewel mijn moeder als Elizabeth Longford op haar zestigste een voorname koninklijke biograaf werd, had ze in 1947 nog best wat republikeinse opvattingen.

‘Lang leve het verschil’

De aartsbisschop van Canterbury zei zonder blozen in zijn toespraak dat de koninklijke bruiloft “in wezen hetzelfde als het zou zijn voor elke cottager die vanmiddag zou kunnen trouwen in een plattelandskerk in een afgelegen dorp”. Het enige wat ik kan zeggen over dit nobele gevoel, al die jaren later, is lang leve het verschil.

Britse Vogue 1947 koningin elizabeth prins philip bruiloft
©Britse Vogue
Een pagina uit de uitgave van het decembernummer in 1947 van de Britse Vogue, die het aan het koninklijk paar was gewijd.
koningin elizabeth bruiloft trouwjurk bruidsmeisje jurk schets vogue 1947
©Britse Vogue
Een illustratie uit de Britse Vogue van december 1947 van een van de bruidsmeisjesjurken. De jurk werd gecombineerd met een bloemenkrans van lelies en tarwe.

Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd door Vogue UK