waarom-iedereen-het-heeft-over-deze-georgische-ontwerper-tijdens-copenhagen-fashion-week-402952
©James Cochrane

Inmiddels is het een van de highly-anticipated moments tijdens de zomereditie van Copenhagen Fashion Week: de show van de winnaar van de Zalando Visionary Award. Waar eerdere winnaars als Paolina Russo, Sinéad O’Dwyer, Bubu Ogisi van IAMISIGO ieder hun signature stijl toonden, biedt ook de winnende designer van dit jaar, de Georgische Galib Gassanoff met Institution, weer een volledig andere, fascinerende kijk op fashion. Zijn show in het Statens Museum for Kunst liet de aanwezige fashion crowd dan ook in awe achter.

Institution op Copenhagen Fashion Week

Na de afgelopen seizoenen in Milaan te hebben geshowd, maakte Galib Gassanoff afgelopen woensdag zijn debuut op Copenhagen Fashion Week met Institution. De Georgische designer is de winnaar van de Zalando Visionary Award 2026, een prijs die in het leven is geroepen door het platform om talent met een vernieuwende visie te supporten. Zelf noemt hij Institution liever geen merk, maar een project. “Institution gaat verder dan mode”, zegt de ontwerper, die dit jaar tevens in de running is voor de felbegeerde LVMH Prize, in gesprek met Vogue. “Het is een dak waaronder verschillende realiteiten en ideeën zich kunnen ontplooien, waar verschillende communities samen kunnen komen.”

Institution tijdens Copenhagen Fashion Week lente/zomer 2027
©James Cochrane

“Ik noem het een project, omdat het geen merk is. Merken werken volgens een vast stramien. Je ontwerpt, je krijgt bestellingen binnen, je fotografeert de collectie, je produceert deze, en dan volgt de volgende, enzovoorts. Ik denk dat op deze manier de waarde verloren gaat. We moeten het rustiger aan doen en dingen de tijd geven. Mijn aanpak is niet alleen om kleding te maken, maar ook om mensen anders te laten denken. Kleding kan ook een object zijn, het kan een idee overbrengen. Het draait allemaal om perceptie. Als textiel in je kast hangt, is het kleding, maar als het in een museum wordt tentoongesteld, is het ineens een kunstwerk.”

Gassanoffs lente/zomer 2027-show – of collectie zes, zoals hij het zelf liever noemt – heet YAD, dat in het Azerbeidzjaans, zijn moedertaal, ‘vreemd’ of ‘onbekend’ betekent, een gevoel van er niet bij horen. Tegelijkertijd betekent het ook ‘herinnering’ of ‘zich herinneren’. “Institution draait om tradities, de heritage, de cultuur en de herinneringen die daaruit voortkomen. Dit is mijn zesde collectie. Elke collectie vertel ik een ander deel van mijn cultuur, waar ik ben opgegroeid. Het zijn verhalen die ik graag vertel.”

Galib Gassanoff na afloop van zijn show
©Launchmetrics/Spotlight
Gassanoff na afloop van zijn show.

Elke week onze beste artikelen in je inbox? Schrijf je hier in voor de Vogue-nieuwsbrief

Traditionele crafts op de runway

Het verhaal van deze collectie wordt verteld aan de hand van handgeknoopte tapijten uit de Kaukasus, Anatolië, Noord-Iran en Centraal-Azië. Waar deze traditionele vloerkleden in een van Gassanoffs eerdere collecties onderdeel uitmaakten van de looks, lagen ze nu uitgestald op de museumvloer. Het is een terugkerend element in Gassanoffs werk, aangezien de ontwerper opgroeide tussen de tapijten in Georgië. “Ze zijn heel waardevol voor mij”, vertelt hij, “dus behandel is ze ook als zodanig.”

Het gevolg was dat modellen shoeless over de runway liepen, een verwijzing naar de traditie in de Kaukasus om schoenen uit te trekken voordat je een huis binnengaat. In plaats daarvan droegen ze moderne interpretaties van jorabs: traditionele sokken die met de hand gebreid zijn door Azerbeidzjaanse ambachtslieden uit de Georgische regio Kvemo Kartli, met wol van hun eigen vee. Ook de XL gebreide tops en andere knitwear zijn gemaakt in samenwerking met deze vakmensen. De ontwerper werkt altijd samen met artisans uit zijn geboortestreek, om zo ‘vergeten’ ambachten in de spotlights te zetten en “in leven te houden”.

Institution tijdens Copenhagen Fashion Week lente/zomer 2027
©James Cochrane

Die gebreide sokken en knitwear mogen dan comfy klinken, maar de looks van Gassanoffs collectie vallen niet bepaald in de categorie loungewear. Denk eerder aan sculptural: oversized – maar toch tailored – jurken die tot de grond reiken, gedrapeerde halslijnen, volumes bij de heupen, flowy zijden creaties, sleeky silhouetten in combinatie met statement tops en chainmail gemaakt van tetri-munten, die tot de Georgische munteenheid behoren. Het kleurenpalet? Neutrals als zwart, wit, grijs en bruintinten, die een scherp contrast vormen met de tapijten.

Museumstukken

Als een van die munten op de stenen museumvloer was gevallen, had iedereen het gehoord, aangezien het – op de moody, licht onheilspellende muziek van de Georgische componist Etibar Asadli na – muisstil was. De pieces voelden gewichtig en dwongen een soort eerbied af. Ze voelden als heuse museumstukken bewegend door de ruimte. De keuze voor het Statens Museum for Kunst als showlocatie is dan ook geen toevallige: “Het is een institutie in Kopenhagen. Een museum haalt de stukken uit de gebruikelijke context waarin kleding normaal gesproken wordt gepresenteerd.”

En dat is precies het idee dat Gassanoff met Institution wil uitdragen: het laat je anders denken over de rol van kleding. “Na de presentatie van een collectie hoor ik vaak: heel mooi, maar wie zou dit dragen? Natuurlijk zijn er stukken die niet makkelijk te dragen zijn. Ik antwoord dan altijd: wie zegt dat we het moeten dragen? We kunnen het ook níét dragen”, aldus de ontwerper. “Ik hoop dat mensen er op een bepaalde manier emotioneel op reageren, dat ze erdoor geraakt worden. Mijn ontwerpen zijn niet per se fun; ze laten je reflecteren en bieden stof tot nadenken. Ik hoop altijd dat ik mensen aan het denken zet.”