De aandacht bij magazinecovers mag dan vaak gaan naar het geportretteerde gezicht, de persoon achter de lens is vaak net zo captivating. Dat gaat in elk geval op voor Vogue’s septembercover, geschoten door de Britse fashion fotograaf Josh Olins, die daarvoor drie van de grootste Nederlandse modellen van het moment – Caitlin Soetendal, Annemary Aderibigbe en Rosalieke Fuchs – vastlegde. Vogue sprak de modefotograaf over zijn rise to fame, dat zeker niet altijd zonder slag of stoot ging.
Josh Olins voor Vogue Nederland
Dat deed de fotograaf in Portugal, op een dromerig landgoed dat hij ongeveer een maand voor de opdracht ontdekte. “Ik was overweldigd door het werk dat erin was gestoken: alles was met de hand gebouwd met gevonden of gedoneerde materialen. Het voelt echt heel magisch om daar te zijn”, vertelt Olins als we hem spreken over de covershoot. “Ik wist dat het geweldig zou zijn voor een verhaal dat losjes gebaseerd is op het idee van een ‘commune’ en zelfvoorziening. Toen Vogue Nederland me vroeg of ik geïnteresseerd was om Rosalieke, Annemary en Caitlin voor hen te fotograferen, stelde ik dit concept voor. Een gelukkige toevalstreffer.”
Het landgoed verschilde nogal van de glamoureuze catwalks of sets waar de topmodellen normaal gesproken op staan, met weelderige tuinen, paadjes en zelfgemaakte gebouwen. Maar dat zorgde alleen maar voor spontane momenten: ze renden op blote voeten door de natuur, zaten kippen achterna en overgoten elkaar met water. “Het feit dat de drie girls al vriendinnen waren, maakte het nog specialer”, aldus Olins.

Aha-moment
De coverserie voor Vogue Nederland betekende de 57e magazinecover voor de 46-jarige fotograaf, die van jongs af aan al werd omringd door kunst en fotografie. “Als kind wilde ik kunstenaar worden, het liefst animator bij Disney. Mijn muren hingen vol met taferelen uit The Jungle Book“, zegt hij. “Ik bracht al mijn tijd door met tekenen en schetsen, en leerde de basisbeginselen van kleurentheorie, compositie, perspectief. Mijn vader was fotograaf, maar stapte over naar het regisseren van reclamespotjes toen ik nog heel jong was, en mijn stiefvader is nog steeds een fervent amateurfotograaf.”
Pas in zijn tienerjaren kreeg Olins zijn ‘aha-moment’. Het was eind jaren negentig in Londen en Portobello Road was het epicentrum van mode, kunst en muziek. De toen zeventienjarige Olins werkte bij een Londense surfwinkel, waar een van zijn oudere collega’s zijn schetsboek liet zien, dat vol stond met “aantekeningen en herinneringen aan reizen en avonturen, portretten van lokale figuren uit Portobello Road, Indonesische kinderen die naakt van bruggen in Bali doken, surfers, skaters, muzikanten. Ik was er helemaal van onder de indruk”, herinnert hij zich. “Ik dacht: het draait allemaal om compositie, een tekening binnen een kader. Verhalen vertellen. Vanaf dat moment wilde ik fotograaf worden.”
View this post on Instagram
