Een paar zomers geleden lag ik op een zonnebedje aan een stadsstrand waar op de een of andere manier iedereen die ik ken ook was neergestreken. Een stadsstrand wordt pas interessant als er een beetje sociale interactie ontstaat; als je er een potentiële date kunt opdoen, of er anders een van dichtbij kan observeren. Zonder dit soort bijgeleverde munitie om later over te roddelen is een stadsstrand immers gewoon een stuk steen aan water; een artificiële kustlijn die in alle opzichten – wat betreft waterkwaliteit, uitzicht, strandtenten en parkeermogelijkheid – minder is dan de natuurlijke variant.
Doortje Smithuijsen over het tegenkomen van een ex
Het stadsstrand in kwestie bestond uit een stuk of vijftig af te huren strandbedden, in ordelijke rijen achter elkaar gezet en vrijwel elke dag binnen een paar uur na openingstijd allemaal bezet. Kort nadat mijn geliefde en ik ons geïnstalleerd hadden op twee van de vier laatst overgebleven vrije exemplaren, werden de plekken naast ons ingenomen door zijn ex en haar nieuwe vriend. Terwijl ze hun boeken en handdoeken uitpakten, draaide ik me op mijn zij. “Is dat …”, mimede ik – nog voor ik mijn geluidloze zin afhad, knikte mijn vriend stellig met zijn ogen standvastig op zijn boek en zijn zonnebril nog op.
LEES OOK
Is stiekem de appjes van je lover lezen nog steeds zo slecht als je gevoel blijkt te kloppen?
Onze nieuwe buren deden ondertussen net zo stoïcijns alsof ze ons niet hadden gezien – wat onmogelijk is, als je eerst zeker tien meter lang door een betoverde doolhof van halfnaakte leeftijdsgenoten hebt moeten manoeuvreren, je ene oog op de laatst overgebleven vrije plekken, je andere in 360-graden scan-modus op zoek naar eventuele concurrenten.
Elke week onze beste artikelen in je inbox? Schrijf je hier in voor de Vogue-nieuwsbrief
Performance-art
Vervolgens ontstond een vorm van performance-art die veel twintigers, dertigers en veertigers vroeg of laat weleens uitvoeren – zeker als je lang in dezelfde stad woont en niet getrouwd bent met je verkering van de middelbare school. Urenlang lagen we naast elkaar zonder elkaar aan te spreken; we gingen om de beurt zwemmen; om de beurt drankjes halen; eventuele gesprekken met toevallig langslopende vrienden voerden we met de blik strak vooruit, of anders gedecideerd van elkaar afgewend.
Het kwam voor dat gemeenschappelijke vrienden eerst vijf minuten met ons praatten en daarna vijf minuten met onze buren. Dan zag je hun blik even van mijn vriend, via mij, richting zijn ex gaan en weer terug. Vervolgens zag je ze instemmend knikken. Zij begrepen wat hier aan de hand was. Zij hadden dit toneelstukje ook weleens gespeeld.