De bekendmaking van het programma van het Venice Film Festival ging deze week gepaard met de nodige commotie. Zo roept het programma de vraag op: is Hollywood soms bang voor het kritische Venice Film Festival? Grote studioproducties mijden namelijk steeds vaker het filmfestival in Venetië. Maar mij viel er nóg iets op: van alle films die dit jaar kans maken op de Gouden Leeuw, de grootste prijs van het filmfestival, is er maar één geregisseerd door een vrouw. En dat baart me zorgen.
Mannen versus vrouwen op het Venice Film Festival
Dat is de film Woman Unknown van de Deens-Egyptische regisseur May el-Toukhy. De film gaat over een huishoudster die op het punt staat te trouwen met haar rijke werkgever, die weduwnaar is. De andere negentien films die meedingen naar de Gouden Leeuw zijn allemaal geregisseerd door een man.
Dat is een flinke daling vergeleken met de jaren daarvoor. Vorig jaar maakten nog zes vrouwelijke regisseurs kans op de prijs, tegenover vijftien mannen. Een van hen was Kaouther Ben Hania, die met The Voice of Hind Rajab de tweede prijs won. Ook in 2024 waren er zes films van vrouwelijke regisseurs in de race. In 2023, 2022 en 2021 waren dat er telkens vijf. Maar in 2020 waren het er dan weer acht.
De afgelopen tien jaar is er op dit vlak veel veranderd bij het Venice Film Festival. In de 77-jarige geschiedenis van het festival hebben slechts zeven vrouwen de Gouden Leeuw gewonnen. Drie van die overwinningen waren echter in de afgelopen jaren: Chloé Zhao won in 2020 met Nomadland, Audrey Diwan in 2021 met Happening en Laura Poitras in 2022 met All the Beauty and the Bloodshed.
Sinds het einde van de jaren 2010 hebben ook meerdere vrouwen de jury geleid. Dat waren Isabelle Huppert, Julianne Moore, Cate Blanchett, Lucrecia Martel en Annette Bening. Van 1935 tot 2010 was die eer slechts aan vijf (!) vrouwen toegevallen.
Maar één vrouw in de race voor de Gouden Leeuw
Big wins, maar dat neemt niet weg dat het festival er dit jaar heel anders voorstaat. En dat is géén eenmalig probleem.
Dat is wat Alberto Barbera, artistic director van het festival, ons wél wil laten geloven. In een interview met The Hollywood Reporter, vlak na de bekendmaking van het programma, zei hij dat hij er zelf “echt wanhopig” van wordt. Hij had graag meer films van vrouwelijke regisseurs aan de competitie toegevoegd. “Maar dat was simpelweg niet mogelijk, om verschillende redenen. Er zijn minder films gemaakt door vrouwen. En de kwaliteit van de films die we hebben gezien, is niet goed genoeg om ze mee te laten doen.”
Hij voegde daar aan toe dat hij dit ziet als “een tijdelijke tegenvaller”. Hij hoopt dat het volgend jaar weer beter wordt, dat er meer films van vrouwelijke regisseurs worden gemaakt en dat de kwaliteit daarvan verbetert. “Wij zijn het eindpunt van een proces waar we verder geen controle over hebben. Deze keuzes worden gemaakt door producenten en financiers. Het gaat ook om de budgetten die vrouwelijke regisseurs krijgen.”
“Het is voor ons ook moeilijk om te begrijpen”, stelde hij tot slot. “Ik vind deze situatie erg jammer, maar we kunnen er niets aan doen. We willen de films in de competitie niet kiezen op basis van het geslacht van de regisseur, maar op basis van de kwaliteit van de films.”